Judoklojo

Judo“Pappa, waar is mijn tas?” Die had ik al lang klaar gezet bij de deur. Maar zoeken is niet het grootste talent van mijn zoon. Ik mag er eigenlijk niets van zeggen, wat ik geregeld wel doe, want ik was geen haar beter op zijn leeftijd. En nog niet trouwens als ik er over nadenk en me afvraag waar mijn sleutels ook al weer zijn. Hij vindt zijn tas met zijn judopak en een pakje drinken. Klaar voor de wedstrijd. Ik heb me door mijn zoon laten strikken voor een “ouder & kind Judo toernooi”. Mijn zoon verheugt zich er mateloos op, ik weet het nog niet zo zeker. Wat ik namelijk wel zeker weet is dat judo echt mijn sport niet is. Ik ben niet zo van lichamelijk contact met mensen die ik niet ken. Niet dat deze afkeer nou fobie-matige proporties heeft, dat niet, maar ik bepaal graag zelf wie ik aanraak en hoe. En dat staat lijnrecht op alle basisbeginselen van het Judo. Maar goed, dit was anders, hier had ik de gelegenheid om met mijn eigen zoon lekker te ravotten, iets wat ik natuurlijk wel heel graag doe en waar we ook in huiselijke kring vaak en veel lol aan beleven. Dus ik vermoedde dat ik me er toch wel op verheugde, maar ergens had ik er toch een ongemakkelijk gevoel bij.

Op de fiets, we waren toch sportief bezig, neemt mijn zoon nog even alle judogrepen die hij inmiddels geleerd heeft met mij door. Het kinderjapans dat hij bezigt gaat voor een groot deel aan mij voorbij omdat ik het ten eerste niet versta en ten tweede ik erg goed op let dat het nog een klein beetje slingerende en onwennig fietsende mannetje niet vermalen wordt door de vuilniswagen chauffeur die zelf kennelijk geen kinderen heeft en rakelings met een noodgang langs ons heen raast met zo’n tonnetje of 20 aan stinkende huisvuil resten. Eenmaal aangekomen bij de Judo school laat mijn zoon trots zien waar hij altijd les krijgt en waar de kleedkamers zijn. De lestijden zijn zodanig dat zijn moeder altijd met hem mee gaat naar judo waar ik altijd met mijn dochter mee ga naar volleybal, een veel leukere sport trouwens als je het mij vraagt, maar dit terzijde. Dit zorgt ervoor dat ik dus voor het eerst in de plaats des onheils ben. Het was direct duidelijk dat het “ouder & kind toernooi” zich mocht verheugen in grote belangstelling. Overal liepen vaders en moeders met kind aan de hand op zoek naar informatie over waar en hoe. Toen ons dat was uitgelegd door een enthousiaste medewerker van de sportschool gingen we ons omkleden. Ik had voor de gelegenheid bij gebrek aan een judopak mijn trainingspak aangetrokken dat ongeveer evenredig is in kwaliteit met mijn sportieve aspiraties en dus van zeer twijfelachtige allure. De sportkleding die bij de meeste andere ouders uit de tas kwam vertegenwoordigde meer waarde dan dat ik in mijn hele leven aan sport heb uitgegeven. Daar trek ik me echter niets van aan en we begeven ons naar de zaal, die geloof ik Dojo heet, waar het feest zal plaatsvinden. We worden netjes ouder-bij-kind op één lijn gezet en met mijn zwarte trainings-allegaartje val ik op tussen alle professionele judo outfits, ik geloof dat ik jūdō-gi moet schrijven, als een dropveter in een zak marshmellows.

We beginnen met wat speelse oefeningen om op te warmen waarbij ik mijn zoon zo snel mogelijk moet tikken, al heen en weer rennend van lijn naar lijn over de mat, die ik geloof ik Tatami moet noemen. Verschillende variaties in allerlei ongemakkelijke houdingen verhogen de pret en de inspanningen en ik doe mijn uiterste best om niet te laten blijken dat het grootste gedeelte van mijn uithoudingsvermogen al aardig aan het opraken is als wordt over gegaan op de uitleg van het echte werk. Mooi, kan ik meteen even op adem komen. Er wordt bij de instructie gelukkig rekening gehouden met Judo-nono’s als mijzelf en de bedoelingen worden goed voorgedaan. Ga zo staan, pak dan je kind zo vast en doe dit en doe dat. Dit gaat lukken.Voor ik het weet sta ik mijn zoon in de heupzwaai te nemen en laat ik mij elegant en met de juiste hoeveelheid dramatiek vallen als mijn zoon aan me trekt, keurig afsluitend met een klap op de mat met de vlakke hand. Nooit begrepen wat daar het nut van is, behalve dan dat het de val wat dramatischer maakt. Dit gaat lekker en als ik het van oor tot oor glimmende gezicht van mijn zoon zie begin ik er nog schik in te krijgen ook. We zijn heerlijk sportief bezig en ik geniet van dit vader en zoon momentje als een schreeuw met diverse japanse termen door de zaal klinkt en iedereen met verstand van Judo als door een wesp gestoken weer op de lijn plaatsneemt. “We gaan nu hetzelfde doen…”, hoor ik de opper judoka schreeuwen, “maar we wisselen van tegenstander!” Een lichte paniek maakt zich van mij meester. Moet ik nu iemand anders zijn kind op de grond gaan gooien? Wat is daar dan leuk aan? Hoewel ik soms kinderen tegenkom waarbij die gedachte in me op komt zijn de kinderen die ik hier tot nu toe gezien heb niet van dat soort. Het blijkt nog erger. Er wordt een spelletje in gang gezet waarbij iedereen door de zaal rent en als de opper judoka “Stop!” blèrt, of “Mate” moet ik schrijven, stil gaat staan en met de persoon waar je op dat moment naast staat moet gaan judoën. Ik krijg een heel slecht voorgevoel. Ik ren nonchalant door de zaal en zie als in een soort vertraagde opname een moeder op mij af rennen met de lichaamsbouw die nog het meest lijkt op een soort kruising van Pamela Anderson en Sugar Lee Hooper. Ik laat het aan uw eigen fantasie over welke eigenschappen van welke beroemdheid waren verenigd in deze moeder, maar ik garandeer u, het was geen fraai gezicht. In een directe reactie op wat ik op mijn netvlies krijg zet ik extra aan om er zo snel mogelijk voorbij te komen. Maar met een chirurgische precisie klinkt precies op moment als we elkaar passeren het “Matè!” door de zaal. Plichtsgetrouw beheers ik mijn instinctieve impuls om verder te rennen en stop. Als ik langzaam opzij kijk ontwaar ik een glimlach van oor tot oor op het gezicht van Pamela Hooper. Ik glimlach vriendelijk terug en stel me voor. Mijn ergste vrees wordt bewaarheid. De oefeningen die ik zojuist met veel plezier met mijn zoon heb uitgevoerd moeten worden herhaald. Dit betekend dat ik het Judo pak van Pamela Hooper moet vastpakken op plekken waar ik een vrouw die ik niet aantrekkelijk vindt nooit van mijn leven zal vastpakken, laat staan als ik haar ook nog eens niet ken. Op het moment dat deze ongemakkelijke positie wordt ingenomen en ik met mijn hand dingen voel die ik absoluut niet wil voelen zie ik de glimlach van Pamela Hooper nog groter worden. Als het startsein, ik geloof dat ik “hajime” moet schrijven, wordt gegeven begint een genant trekken en duwen dat gelukkig dankzij mijn lange armen en benen vrij snel eindigt als Pamela met een klap op de mat aangeeft dat ze omgerold is. In mijn ooghoeken zie ik mijn zoon zijn keine duimpje opsteken naast de enige moeder in de hele zaal die er echt leuk uitziet, dat doet hij beduidend beter dan ik. Ik bereid me voor om afscheid te nemen van Pamela Hooper maar niets is minder waar. Alle hiervoor uitgevoerde ongewenst intieme handelingen moeten worden herhaald, maar daarna is het dan zo ver: We gaan weer rennen. Mijn dank is groot. Als wederom het matè klinkt ontwaar ik een probleem naast me van een heel andere soort. De man in kwestie is minstens net zo lang als ik, hetgeen betekend dat hij rond de twee meter is, maar twee keer breder en getooid in een judo pak met diverse indrukwekkende badges van wedstrijden in verre oorden en sponsoren en een ceintuur in de onheilspellende kleur zwart. Hij moet mijn angst ruiken en begint satanisch te lachen bij de aanblik van mijn zeer onprofessionele outfit en dito gezichtsuitdrukking. “Dit gaat pijn doen” is de eerste gedachte die in mij opkomt. Het “Hajime” schalt door de Dojo en het nu volgende speelt zicht af binnen anderhalve seconde. Als een bliksemstraal schieten twee armen op mij af, mij met chirurgische precisie vastgrijpend en als mijn armen nog radeloos op zoek zijn naar een stukje van zijn pak voel ik een grote druk in mijn zij en rug en beginnen mijn voeten al los te komen van de grond. De wereld draait zich voor mijn ogen langzaam 360° rond en vlak voordat de volledige draai gemaakt is knalt mijn onderlichaam als eerste met grote vaart tegen de mat over de lengte van rug mijn ruggenwervels angstig ver door verend. De rest van mijn lichaam volgt ongecontroleerd en als mij achterhoofd ook tegen de mat smakt voel ik de stekende pijn in mijn rug. Uit ontzetting en ergernis sla ik met mijn hand op de mat. Daar is dat dus voor.

Als je maar hard genoeg slaat dan voel je de pijn in je onderrug minder. De anderhalve seconde zijn voorbij en als ik mijn ogen weer open durf te doen zie ik mijn belager grijnzend een hand uitsteken om me weer op te hijsen. Ik twijfel of mijn rug mijn lichaam alweer in rechtopstaande positie kan dragen maar besluit het risico te nemen en aanvaard de hand. Met een ruk die bijna mijn arm uit de kom trekt sta ik weer overeind en de steken in mijn rug daargelaten blijf ik overeind.  Dit proces herhaald zich met elke oefening die we afwerken waarna we weer met onze eigen kind worden herenigd. Hallelujah.

De bedoeling van dit toernooi was, zo hoorde ik later, om ouders enthousiast te maken voor de Judo sport in de hoop meer leden te trekken. Dit begrijp ik niet. Je gaat iemand toch ook niet voor boeken enthousiasmeren door de Opperlandse taal- & letterkunde van Hugo Brand Corstius in iemands oor te tetteren met een megafoon. Of een zwemvereniging die je van de Niagara watervallen af laat zwemmen om je enthousiast te maken voor de zwemsport. Dat werkt niet. Binnenkort is er weer een “ouder & kind” toernooi. Ik heb mijn ex ingeschreven om mee te doen. Kan ze lekker met mijn zoon ravotten, dat leek haar wel leuk.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.

3 Reacties op Judoklojo

  1. Thea Plum schreef:

    Leuk en herkenbaar verhaal. Hoe is het met je rug?

  2. maaike Plum schreef:

    Mooi en komisch geschreven verhaal Bart!

  3. je vader schreef:

    Bart,
    Genoten van je verhaal, meer dan jij van judo denk ik.
    Maar geloof me je wordt nog wel een echte Anton Geesink.
    Nog even ter herinnering, A.G. was destijds wereldkampioen judo !!
    Sterkte met je rug.
    Je Vader.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>